droomwereld
In gedachten loop ik door met onkruid begroeide steegjes, veeg het zweet van mijn voorhoofd en snuif de geur op van de wilde marjolein. Het is een flinke klim naar het kerkje waar Lorencio woont. De zon brandt op mijn rug en ik moet wel gek zijn om op het heetst van de dag de tocht naar boven te maken, enkel om te kijken …
‘Dingdong!’
Niet op letten, gewoon doorgaan.
Alle andere bewoners hebben zich teruggetrokken in hun koele huizen, behalve…
‘DINGDONG!’
Met een zucht haal ik mijn vingers van het toetsenbord en ren de trap af naar beneden om te kijken wie er voor de deur staat.

Concentratie
Jehova’s getuigen. Natuurlijk, dat kon er ook nog wel bij. Een uur geleden werd ik gebeld door de Stichting Kinderpostzegels en vorige week stond er iemand van een groot energiebedrijf aan de deur die me ervan wilde overtuigen dat ik voor mijn gas en elektriciteit bij hen beter af ben. De postbode is het minst erg. Die geeft me een pakje, ik zet een handtekening en hij is weer weg. Maar al die mensen die me iets willen aansmeren (een dienst, product of een geloof) halen me enorm uit mijn concentratie. Ik schrijf nu eenmaal het beste als ik langere tijd achter elkaar door kan werken. Korte tijdsblokjes van een kwartier of een half uur werken voor mij minder goed.

Fantasie
Een schrijver, zegt John Gardner in zijn boek De kunst van het schrijven, moet een fictionele droomwereld scheppen voor zijn lezer. En dat is nu juist wat ik er zo leuk aan vind. In het bedenken van de personages en setting van het verhaal kan ik helemaal mijn fantasie kwijt. De beste momenten daarvoor zijn ’s avonds, vlak voor ik in slaap val en ’s ochtends als ik net wakker ben, maar nog even kan blijven liggen. Op die momenten, als de echte wereld niet helemaal aanwezig is, zie ik die fictionele droomwereld, de sfeer van mijn roman in wording scherp voor me. Vaak valt me juist dan een idee in voor een mooie wending in het verhaal of een nieuwe karaktereigenschap voor mijn personage.

Beelden
Overdag probeer ik de juiste sfeer te creëren met muziek en een moodboard, waarop ik plaatjes verzamel die passen bij de setting van het verhaal. Ik wil het verhaal als een film voor me zien en de situatie in woorden schetsen. Daarbij probeer ik sprekende beelden op te roepen; beelden die de lezer kan koppelen aan ervaringen uit zijn eigen leven en die een bepaald gevoel oproepen. De balans daarin vind ik belangrijk. Te veel beschrijvingen maken het verhaal langdradig en geven de lezer te weinig ruimte om zelf een beeld te vormen. Te weinig is voor een roman ook niet fijn. Dan heeft de lezer geen rustpunten meer in de tekst.

Die balans tussen veel en weinig details komt later wel, bij het herschrijven en de redactie, maar in het eerste concept probeer ik de droomwereld al stevig neer te zetten. Dus als je me niet kunt bereiken, dan kan het zomaar zijn dat ik de stekker van de telefoon eruit heb getrokken, mijn mobiel op vliegtuigstand heb gezet en de deurbel heb gedemonteerd. Als ik in mijn eigen huis niet ongestoord kan schrijven, waar dan wel?


Tips voor het creëren van een droomwereld:

  1. Schrijven Online komt met vier tips voor beeldend schrijven;
  2. De keuze van werkwoorden kan helpen om een beeldender alternatief te vinden, betoogt Schrijfvis in zijn blog over beeldend schrijven;
  3. Copywriter Roy Ishak is het oneens met collega’s die zeggen dat je beeldend moet schrijven. In zijn blog geeft hij tien tips om… beeldend te schrijven ;-))
  4. Kitty Kilian van de Blogacademie legt in haar blog uit wat plaatjeswoorden zijn en wat het effect daarvan is.