familie fotogalerij1
Het schrijven van een boek betekent dat je voortdurend keuzes moet maken: welke personages kies ik, vanuit welk perspectief vertel ik mijn verhaal, tegenwoordige tijd of verleden tijd en zo gaat het maar door. Voor de ervaren schrijver waarschijnlijk geen probleem, maar voor mij als debutant een eindeloze worsteling. Wat ik het lastigste vond, was de vraag op welk moment ik het verhaal wilde laten beginnen en, daarmee samenhangend, waar het zou eindigen.


Toen het boek al min of meer af was, stuitte ik op het boek Korte verhalen schrijven van Ton Rozeman. Ondanks de titel vind ik de beschreven adviezen uiterst bruikbaar voor langere verhalen. Rozemans uitgangspunt is dat je een schrijver kunt vergelijken met een fotograaf. Het kader van de foto bepaalt welk deel van het geheel belicht wordt en wat buiten beeld valt en dat is precies wat een schrijver ook doet: het licht (het verhaal) vangt slechts een deel van de werkelijkheid. Het begin en het einde begrenzen het verhaal en bepalen wat buiten beeld valt.

Mijn debuutroman begon in eerste instantie met de jeugd van mijn beide hoofdpersonen, het milieu waarin zij opgroeiden, hun opleiding, etc. Allemaal uiterst nuttige informatie om te begrijpen waarom zij in hun latere leven bepaalde keuzes maakten. Maar wie heeft er nu zin om eerst allerlei achtergrondinformatie te lezen voordat het verhaal echt gaat beginnen?

Een tijd lang leek het een goed idee het verhaal te beginnen met de dood van een van mijn hoofdpersonen. Met het einde van het verhaal dus eigenlijk. Ik wilde het boek immers geen treurig einde geven en door meteen maar met het slechte nieuws te beginnen, wilde ik dat de lezer zich vanaf het begin af ging vragen hoe het toch zo ver heeft kunnen komen. Uiteindelijk bleek ook dit niet te werken voor mijn verhaal. De dood van mijn hoofdpersoon lag te ver af van het moment waarop het verhaal echt begon. Had ik toen maar het boek Schrijven: het begin van Pim Wiersinga gelezen (hierover later meer). Dan had ik geweten dat het handig is eerst het thema en de grote lijn te bedenken voor je het begin en einde van je verhaal bepaalt. Dat had me veel tijd bespaard.

Uiteindelijk besloot ik het verhaal te laten beginnen op het moment waarop het lot mijn hoofdpersonen met elkaar verbond en te laten eindigen op het moment dat hun wegen zich moesten scheiden. Daarom begint mijn verhaal op het moment dat hoofdpersoon Lena ontdekt dat ze zwanger is. Ik onthul nog wel even dat ze ongehuwd is, streng katholiek is opgevoed en nog bij haar ouders woont, zodat ik daarna op mijn gemak het een en ander kan vertellen over hoe het zo gekomen is, in het vertrouwen dat de lezer verder leest om te weten te komen hoe Lena zich uit deze moeilijke situatie redt.

Nieuwsgierig? Goed zo! De publicatiedatum van mijn boek nadert. Op deze website houd ik je op de hoogte.


Mijn tips voor het bepalen van het begin van je verhaal:

  1. Als je net als ik graag vooraf een plan maakt voor je boek: bedenk dan eerst wat de rode draad is in je verhaal, het centrale thema. Neem dat als leidraad voor het bepalen van het begin en einde van je verhaal.
  2. Probeer eventueel verschillende opties uit voor je een definitieve keuze maakt voor een begin en einde.
  3. Schrap alle informatie die niet rechtstreeks bijdraagt aan je rode draad en je centrale thema.
  4. Kijk hoe andere schrijvers dit doen en leer daarvan. Lees van je favoriete boeken nog eens het begin en het einde. Welke keuze heeft de schrijver gemaakt en waarom? Werkt het? Gera Pronk schrijft hierover in haar blog op Schrijven Online.
  5. Wacht nog even met die allereerste zinnen, waarvan je hoopt dat die de lezer meteen boeien en het verhaal in sleuren. Die kun je later nog bedenken. Kathy Mathys heeft hierover een interessant artikel geschreven voor het Magazine Schrijven