Snelle weg1Buiten verkleurt het blad van de klimhortensia van groen naar geel. De oranje bottels van de klimroos decoreren de bijna kale takken en een dikke laag bladeren is tegen de stoeprand gewaaid. Maar op mijn laptopscherm ontvouwt de vijgenboom zijn blaadjes in het lentezonnetje en zoeken de eerste zwaluwen naar een plekje om hun nestjes te kleien. Nu het me eindelijk is gelukt om vaker tijd te reserveren voor schrijven, zit ik weer helemaal in de flow en is de virtuele droomwereld die ik op mijn computerscherm schets steeds gemakkelijker op te roepen.

verlaten dorp Tiermas
Mijn zoektocht naar verlaten dorpen begint bij het stuwmeer van Yesa. Begin augustus staat het water in het stuwmeer nog te hoog, maar later in het jaar komt ergens in het midden van het meer de spits van de kerktoren boven water. Dat is zo’n beetje de enige informatie die ik loskrijg van de dame van het Officina de turismo in Javier. Verontschuldigend legt ze uit dat het stuwmeer zich in de regio Aragon bevindt en hoewel de grens tussen Navarro en Aragon nog geen tien kilometer verderop ligt, heeft zij helaas alleen informatie over Navarro. Ze vindt het wel interessant dat ik een boek schrijf waarin verlaten dorpen een rol spelen en schakelt moeiteloos over naar de kloof van Lumbier met de grootste gierenpopulatie van de regio. Daar moeten we echt eens gaan kijken.

eerste_druk
Op de harde schijf van mijn laptop staan heel veel versies van elk hoofdstuk van Lena. Van de allereerste versie is, denk ik, geen alinea ongewijzigd gebleven. Het schrijven van een eerste boek gaat nu eenmaal met vallen en opstaan. Essentieel in dat proces waren mijn proeflezers. Zij lazen met veel geduld al die goede en minder goede hoofdstukken en gaven er hun commentaar op. Lena is dan ook een beetje van hen, want zonder mijn proeflezers was het nooit geworden wat het nu is.

Het hoe
Jan Brokken is mijn favoriete schrijfboekenschrijver. Na De wil en de weg dacht ik de belangrijkste ingrediënten voor een boeiende roman te hebben verzameld. In Het hoe pakt Brokken echter uit met een hele stapel nieuwe tips. Het boek is volgens de achterflaptekst bedoeld voor ‘de al redelijk gevorderde schrijver’. Inderdaad bouwt dit boek voort op zijn eerste boek, maar een beginnend schrijver haalt er vast ook nuttige tips uit.

boekpresentatieTweeënzestig jaar na zijn dood staat hij nog altijd bekend als ‘de stoere HvD die altijd gekke dingen deed’. Dat werd me duidelijk op de boekpresentatie van Lena in het Fort bij Edam waar mijn opa nog altijd onderwerp van gesprek was. De bijzondere gebeurtenissen die ik ontdekte bij het onderzoek voor dit boek bleven in Edam dus niet onopgemerkt! Maar hoeveel mensen wisten van mijn opa’s gevangenschap in een fort als dit? En hoe stoer hadden ze hem gevonden als ze wisten wat hij daar allemaal moest doorstaan?

weggekropen

‘Heb je ook een Writer’s Block gehad?’ wordt me wel eens gevraagd als ik vertel dat ik een boek heb geschreven. En dan zeg ik altijd ‘Nee’, want bij die term denk ik meestal aan een schrijver die zich dagenlang opsluit met zijn laptop en dag na dag wanhopig naar een leeg scherm zit te staren. Dat heb ik nooit gehad. Ik heb natuurlijk goede en minder goede dagen; dagen waarop het schrijven lekker gaat en pagina na pagina op het scherm verschijnt, maar ook dagen waarop ik veelvuldig de delete-knop hanteer.