familie fotogalerij1Zoals ik al eerder vertelde, ben ik groot liefhebber van boeken gebaseerd op waargebeurde gebeurtenissen en wilde ik dat mijn eigen boek ook een hoog waarheidsgehalte zou krijgen. Voor een geloofwaardig verhaal moest ik op zoek naar informatie over het leven van mijn grootouders. Ik begon met het interviewen van de mensen die mijn grootouders hebben gekend.

Al na enkele interviews viel het me op dat het ene familielid goed was in het reproduceren van jaartallen en namen, terwijl het andere familielid de ene na de andere anekdote vertelde. Dankbaar zoog ik alle informatie op, noteerde wat me bruikbaar leek (en ook al het andere, want zo werkt dat bij mij) en ordende de informatie zodra ik thuis was. Maar wat me tijdens het gesprek nog heel logisch had geleken, riep bij thuiskomst ineens weer veel vragen op, zodat ik vaak nog eens terug moest gaan.

Aanvankelijk dacht ik nog verschillende interviews op één dag te kunnen combineren om reistijd te besparen. Immers: ik had ook nog een baan, een gezin en een huishouden. Al snel ontdekte ik dat dat niet werkte. De gesprekken duurden veel langer dan ik had gedacht en bovendien had ik na het interview tijd nodig om de informatie te laten bezinken. Vaak leverden de gesprekken me nieuwe inzichten op, die ik in een volgend interview wilde toetsen of waar ik eerst onderzoek naar wilde doen in archieven.

Ik ontdekte dat ieder vertelde vanuit zijn of haar eigen perspectief. Wat de een belangrijk vond, kon de ander zich helemaal niet meer herinneren. Het kwam zelfs voor dat het verhaal van de een compleet tegenstrijdig was met de herinneringen van de ander. Wat moest ik daar nu weer mee? Had mijn grootvader alleen die ene affaire of waren er meer vrouwen in zijn leven? Had hij mijn grootmoeder op de kermis ontmoet of was ze dienstmeisje bij zijn ouders? Pas toen ik verder in het schrijfproces was en de feiten had losgelaten om er een echte roman van de maken, leerde ik anekdotes te kiezen die het beste pasten in het hoofdthema van mijn verhaal en het karakter van mijn personages.

De interviews hielpen me bij het vinden van de grote lijn, maar om het verhaal meer kleur te geven had ik behoefte aan gedetailleerde informatie over het dagelijkse leven van mensen in die tijd. Ik ontdekte welke vragen ik moest stellen om juist die gedetailleerde informatie naar boven te halen. Zo leverde de vraag ‘Beschrijf eens een werkdag van je vader in die tijd’ totaal andere informatie op dan de vraag ‘Wat deed je vader voor werk’.

Terugkijkend denk ik dat de interviews onmisbaar waren voor het verhaal. Ze zetten me op het spoor van nader onderzoek in archieven en leverden me kleurrijke verhalen op. Maar bovenal heb ik veel plezier beleefd aan de gesprekken met mijn (oud)ooms en tantes, want dat waren toch heel andere gesprekken dan er tijdens verjaardagen worden gevoerd!


Tips voor het verzamelen van informatie via interviews:

  1. Neem de tijd en doe de interviews bij voorkeur niet telefonisch. In een face-to-face gesprek is het gemakkelijker door te vragen naar details.
  2. Neem het gesprek op met een recorder of met je mobiele telefoon, maar maak ook een paar aantekeningen voor het geval er iets mis gaat met de opname.
  3. Maak vooraf een lijst met vragen en wissel algemene vragen af met vragen naar details. Marijke Hilhorst heeft in haar boek ‘Hoe schrijf je een familiegeschiedenis’ een uitgebreide lijst met voorbeeldvragen opgenomen.
  4. Typ het interview uit en noteer aanvullende vragen, te checken feiten en tegenstrijdigheden.
  5. Kies alleen die anekdotes die je verhaallijn ondersteunen of het karakter van je personages illustreren. De andere anekdotes kun je misschien nog gebruiken voor een kort verhaal.

1000 Resterende tekens