mededelingen op het prikbord
Als bioloog ben ik bijzonder geïnteresseerd in ecologische processen. Een ingrijpende verandering, zoals een bosbrand of een overstroming, kan het evenwicht van een ecosysteem drastisch verstoren. De soortensamenstelling verandert en daarin valt vaak een duidelijk patroon te ontdekken. Eerst verschijnen de snelgroeiende opportunisten. Na verloop van tijd komen er meer verschillende soorten en uiteindelijk bereikt het ecosysteem een nieuw evenwicht waarin iedere soort zijn plek vindt. Bij het onderzoek voor mijn nieuwe boek, zag ik een zelfde soort ontwikkeling in verlaten dorpen die weer opnieuw bewoond worden.

De pioniers
Eerst verschijnen de pioniers, de idealisten, die niet vies zijn van primitieve omstandigheden en ruw werk. Zij starten met de herbouw van de met onkruid overwoekerde ruïnes en slaan de handen ineen om de gezamenlijke voorzieningen zoals stromend water en elektriciteit te regelen. De bewoners trekken vaak samen op, koken voor elkaar en hebben vaak een gezamenlijke groentetuin. Lees meer over deze fase in deel 1 van deze blogpost.

Meer bewoners
Zodra de gezamenlijke voorzieningen een beetje op orde zijn, komen er steeds meer mensen naar het dorp om zich er te vestigen. Vrienden en kennissen die de dorpsfeesten in het nieuwe dorp bezoeken, raken geïnspireerd door de levenswijze van de bewoners en een aantal daarvan komt terug om er zelf een woning te bouwen. De nieuwe bewoners moeten ook allemaal water hebben en elektriciteit. Niet iedereen wil in de dorpskern wonen en er verschijnen nieuwe optrekjes buiten het dorp. Vaak met zonnepanelen voor een eigen elektriciteitsvoorziening. Er worden (grotere) deposito’s gebouwd om de droge perioden in de zomer door te komen en er komen grotere pompen voor het transport van water de berg op.

Vaak met zonnepanelen voor een eigen elektriciteitsvoorziening

Gemeente
Bewoners zijn nog sterk gemotiveerd om gezamenlijke verbeteringen door te voeren. De druk op de gezamenlijke voorzieningen loopt op en de gemeente wordt ingeschakeld om te helpen. Dit vergt een betere organisatie van de bewoners. Er worden vergaderingen gehouden, besluiten genomen en mensen aangesteld die als contactpersoon met de gemeente fungeren, te onderhandelen en met veel geduld aanvragen te schrijven en Europese subsidiepotjes aan te spreken.

Als het watertekort nijpend wordt, gaat de gemeente het dorp van water voorzien. Tankwagens rijden in droge periodes naar de afgelegen dorpen. De bereikbaarheid van het dorp wordt belangrijker. Nu er meer mensen in het dorp wonen, is de gemeente eerder gemotiveerd om de weg naar het dorp te verbeteren, maar meer bemoeienis van de gemeente betekent ook dat het dorp te maken krijgt met regelgeving. Er moeten ineens vergunningen aangevraagd worden voor herbouw en aanbouw. Illegale bewoners moeten gelegaliseerd worden. Er moet chloor in het waterdepot en de bewoners moeten belasting betalen voor het ophalen van afval en de aanleg van riolering.

Ieder verzint zijn eigen oplossingen

Conflicten
Nu er meer mensen in het dorp zijn, is er meer mankracht om zaken voor elkaar te krijgen. De herbouw van de huizen gaat nu voorspoediger, maar met zoveel mensen in een dorp ontstaan er sneller conflicten. Douches, wasmachines en groentetuinen concurreren met elkaar over de beschikbare hoeveelheid water en er is ruzie over de verdeling van de laatste percelen. Iemand begint een winkel, een bakker, een café. Gezamenlijke investeringen moeten betaald worden en er wordt iemand aangesteld die de kas beheert en die bij iedereen de bijdrage komt innen.

De activiteit in het dorp trekt nieuwe bewoners die er zich tijdelijk of voor langere tijd vestigen. Iemand zet een tent neer op de grond van een ander of dumpt zijn vuilnis op de geïmproviseerde parkeerplek van de buurman. Verschillende nationaliteiten in het dorp kunnen leiden tot spanningen en misverstanden en de genomen beslissingen voor het dorp zijn niet langer unaniem. De bewoners raken meer gericht op de eigen woonstek en starten een eigen groentetuin, maken een hekje om hun terrein en installeren een eigen deposito voor de perioden waarin het water schaars is.

De bewoners raken meer gericht op de eigen woonstek

Kortom, het dorp begint al aardig te lijken op een gewoon Spaans dorpje. Een nieuw evenwicht is in zicht. Jammer? Ja, vind ik wel. Zo’n dorp dat nog volop in ontwikkeling is, biedt voor mij meer inspiratie voor een mooi verhaal. Ook hier zie ik de parallel met ecosystemen. Voor de meeste biologen is een ecosysteem in de overgangsfase interessanter dan een ecosysteem dat het eindstadium, het nieuwe evenwicht, al heeft bereikt.

 

-wordt vervolgd-